Winteruur houden als we stoppen met de klok verzetten

Vandaag, 25 oktober, ging de klok in België om drie uur terug naar twee uur. Als we ooit stoppen met dat halfjaarlijkse verzetten, blijf ik liever op winteruur. Dat sluit beter aan bij onze biologische klok.

Winteruur is onze huidige standaardtijd, maar niet letterlijk de oorspronkelijke Belgische tijd (opent in een nieuw tabblad). We volgden vroeger Greenwich-tijd. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd de Duitse tijd opgelegd. België behield nadien dat uur verschil.

De zomertijd raakte tijdens de Eerste Wereldoorlog verspreid (opent in een nieuw tabblad) om energie te besparen. België voerde ze in 1977 opnieuw in. Vanaf 1980 begon Europa de nationale regelingen op elkaar af te stemmen, onder meer voor het vervoer en de handel tussen landen.

Waarom winteruur

De klok vooruitzetten (opent in een nieuw tabblad) laat de zon geen uur langer schijnen. Zonsopgang en zonsondergang krijgen een later uur op onze klok. Met permanente zomertijd zou het dus ook in de winter 's morgens een uur later licht worden dan met winteruur.

Ochtendlicht helpt onze biologische klok afstemmen op de dag. Meer licht 's avonds kan ons ritme juist naar later verschuiven, terwijl school en werk even vroeg beginnen. Daarom adviseren Europese slaap- en ritmeonderzoekers (opent in een nieuw tabblad) om bij een afschaffing voor permanente standaardtijd te kiezen. Voor mij weegt dat zwaarder dan dat extra uur avondlicht.

Samen met Europa

Als we ervan afstappen, dan liefst samen. De Europese afstemming (opent in een nieuw tabblad) kwam er juist om uiteenlopende nationale regelingen te vermijden. Laten we vermijden dat een treinreis of werken over de grens ingewikkelder wordt door nieuwe tijdsverschillen. Samen stoppen hoeft overigens niet te betekenen dat heel Europa dezelfde tijdzone krijgt.

Zover zijn we nog niet. Het Europees Parlement stemde in 2019 voor stoppen in 2021. Maar de lidstaten hebben in de Raad nog geen gezamenlijk standpunt (opent in een nieuw tabblad), waardoor er geen definitief akkoord is. Een nieuwe Europese studie (opent in een nieuw tabblad) loopt sinds februari 2026 en wordt tegen eind dit jaar verwacht. Tot er andere afspraken zijn, blijven we de klok verzetten.